|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
Claes Michielsz Bontenbal, ook wel Klaas Bontebal genoemd, was secretaris van Zevenhuizen. Hij was betrokken bij een samenzwering tegen Prins Maurits en werd op 3 juli 1623 onthoofd te Rotterdam. bewerk SamenzweringIn 1622 beraamden enkele remonstranten, waaronder de zonen van Johan van Oldenbarnevelt, Reinier en Willem, een aanslag op Prins Maurits. Ze waren van plan een aantal bootslieden in te huren die de prins bij zijn reis van Den Haag naar Rijswijk, voor een bezoek aan Margaretha van Mechelen, moesten doden. Voor het huren van deze mensen en voor de aanschaf van wapens was 6.000 gulden nodig. Claes Michielsz Bontenbal, zelf ook remonstrant, was bereid een derde deel van dit bedrag te leveren. Er werden in totaal tien mensen ingehuurd voor de aanslag. Het laatste viertal hiervan verraadde het complot aan de overheid. De meeste samenzweerders werden opgepakt, maar een paar, waaronder Willem van Oldenbarnevelt, wisten te ontsnappen. Claes Michielsz Bontenbal werd achttien weken in Rotterdam gevangen gehouden, maar bleef ondanks martelingen ontkennen dat hij actief bij het complot betrokken was. Hij gaf wel toe van het complot geweten te hebben en het geld geleend te hebben. Hij werd uiteindelijk ter dood veroordeeld. Op de vooravond van zijn executie deed hij alsnog een verdere bekentenis. Op 3 juli 1623 werd hij rond het middaguur op het schavot, achter het raadhuis, te Rotterdam terechtgesteld. Hugo de Groot was door zijn verblijf in Parijs niet goed op de hoogte van de laatste ontwikkelingen in Nederland. Op 12 juli 1623 schreef hij een brief aan zijn broer, Willem de Groot, waarin hij vroeg of deze wist wat het lot van Claes Michielsz Bontenbal was. bewerk ZinneprentEen zinneprent met het een verslag van zijn executie is bewaard gebleven. De tekst hiervan is als volgt:
bewerk Bronnen
|
| All Right Reserved © 2007, Designed by Stylish Blog. |